De Winde Juul

Juul De Winde werd geboren in Merchtem op 13 mei 1893. Op 16 augustus 1913 startte zijn dienstplicht bij het Belgische leger . Het eerste regiment Karabiniers kreeg hij toegewezen en na enkele maanden werd hij tot korporaal gepromoveerd. Toen de oorlog losbrak was Juul 21 jaar en had hij het tot sergeant geschopt.

Gedurende de oorlog klom Juul op tot luitenant in het leger en was geliefd bij de soldaten. Hij moedigde hen vaak aan met bekende studentenleuzes uit De Blauwvoet, het bekende strijdlied van de Katholieke Vlaamse Studentenbeweging. Aan het front organiseerde Juul verschillende muziekoptredens waarbij hij zelf als dirigent optrad.

Juul De Winde was naast militair ook dichter. Zo schreef hij sinds 1907 gedichten in de Gazet van Merchtem en bundelde hij onder de schuilnaam Juul Liseron een aantal oorlogsgedichten onder de titel ‘Granaatscherven’ in 1917. Uit deze gedichten bleek duidelijk dat hij Vlaamsgezind was. Als luitenant publiceerde hij in augustus 1918 het eerste en tevens enige nummer van het Vlaamsgezinde frontblaadje ‘Merchtem boven’. Juul de Winde werd na zijn dood een belangrijk figuur voor de Vlaamse beweging.

In de herfst van 1918 vroeg hij de toelating om mee te mogen doen in het eindoffensief. Op 28 september 1918 werd iets voor Westrozebeke de opmars van het Belgische leger gestopt ter hoogte van de Spriet, de Zeugeberg en de Goudberg omdat de Duitse soldaten goed stand hielden in de Flandern II Stellung. Die dag stierf Juul de Winde aan de voet van de Goudberg. In welke omstandigheden hij precies stierf is tot vandaag onduidelijk.

In 1937 werd zijn stoffelijk overschot overgebracht van Merchtem naar Diksmuide. Daar werd hij plechtig bijgezet in de crypte van de IJzertoren, een belangrijk symbool van de Vlaamse Beweging. Westrozebeke onthulde in 1938 een gedenkplaat en zowel in Diksmuide als in Merchtem is er een straat naar hem vernoemd.

Postkaart: collectie Johan Vandekerkhove