Le Hétet Ferdinand

Ferdinand Le Hétet verbleef als Franse soldaat in het begin van de oorlog in de regio rond Roeselare verbleef. Hij werd beroemd omwille van zijn heldendaad op Schuwe Maandag. Ferdinand had namelijk aangeboden om achter te blijven en op die manier de terugtocht van zijn strijdmakkers te verzekeren en te beschermen. De legende zegt dat zijn chef hem omhelsde en riep “Merci mon enfant, au nom de la France!” Alle soldaten hadden tranen in hun ogen omdat ze wisten dat hij zou sterven. Ze gaven hem twee geweren en namen dan afscheid.

Ferdinand was er niet van overtuigd dat hij zou sterven. Omdat in Beveren de hoeve Sabbe een belangrijk mikpunt was van de Duitse soldaten, besloot Ferdinand zich te verschuilen op de zolder van het laatste huis tegen de spoorweg op het einde van de stationsdreef. De bewoners van het huis vreesden echter terecht repressailles en smeekten hem om het huis te verlaten. Ferdinand deed dit en begaf zich dan toch naar de boerderij. Daar lag hij een eindje achter de dikke stam van een notenboom, van waaruit hij 7 duitsersdoodde. Ferdinand werd echter ontdekt en getroffen door een kogel in de keel. Over het precieze tijdstip en omstandigheden waarin Ferdinand stierf, is echter veel onenigheid. Op het moment van zijn overlijden was hij 26 jaar, gehuwd en papa van 1 zoontje.

Na zijn dood werd er een comité opgericht om hem te huldigen. Inwoners van de buurt hadden aan de Duitsers toelating gevraagd om hem te begraven, maar dit mocht niet. Ondanks dit verbod hebben vier mensen hem begraven, gewikkeld in een Belgische vlag. Op 30 januari 1917 werd er in de buurt een plechtigheid gehouden, op initiatief van de buurtbewoners, echter niet officieel bekend gemaakt, omdat openbaar hulde brengen aan een vijand van de Duitsers zeer gevaarlijk was. Na de oorlog richtte het comité een monument op het stedelijk kerkhof in een erepark voor ongeveer 950 Franse militairen die in en rond Roeselare gesneuveld waren. In zijn geboortestad in Frankrijk kreeg een straat zijn naam.